VOETBAL 58 — Leer en Speel

De strafschop: wanneer, de opstelling en wat er misgaat

Er is maar één vraag: zou deze overtreding buiten het strafschopgebied een directe vrije schop opleveren? Zo ja, en een verdediger maakte hem in zijn eigen strafschopgebied, dan is het een strafschop. Een duwtje is genoeg; hoe hard het ging, bepaalt alleen of er een kaart bij komt. Bij de trap staat de keeper met minstens een deel van één voet op, boven of achter de doellijn, en staan alle anderen buiten het gebied, achter de stip en buiten de cirkelboog.

Eén voorwaarde, niet twee

Een strafschop heeft niets te maken met de zwaarte van de overtreding. Een trekkende hand is genoeg. Omgekeerd wordt een overtreding die buiten het gebied een indirecte vrije schop zou opleveren, binnen het gebied geen strafschop: gevaarlijk spel zonder contact, belemmeren zonder contact en commentaar blijven een indirecte vrije schop, ook vlak voor het doel. Twee situaties leveren een strafschop op waar de tribune van opkijkt: een verdediger die een aanvaller buiten het gebied vastpakt en pas binnen loslaat, en een overtreding buiten het speelveld die bij het spel hoort.

De opstelling

De bal ligt stil op de strafschopstip en de nemer is duidelijk aangewezen. De doelverdediger blijft tot de trap op de doellijn tussen de palen, met zijn gezicht naar de nemer, en mag hem niet onsportief afleiden. Op het moment van de trap heeft hij nog minstens een deel van één voet op, boven of achter de doellijn; zijn andere voet mag dus al vooruit staan. Alle overige spelers staan binnen het speelveld, buiten het strafschopgebied, achter de strafschopstip en op minstens 9,15 meter van de bal. Dat laatste is precies wat de cirkelboog voor je aftekent.

Bovenaanzicht van het strafschopgebied met de bal op de strafschopstip, de doelverdediger op de doellijn tussen de palen, de cirkelboog buiten het strafschopgebied en alle overige spelers buiten het gebied, achter de stip en buiten de boog
De bal op de stip, de doelverdediger op de doellijn, en alle overige spelers buiten het gebied, achter de stip en buiten de boog.

Zo wordt hij genomen

De nemer trapt de bal vooruit; een hakbal mag, zolang de bal voorwaarts beweegt. De bal is in het spel zodra hij is getrapt en duidelijk beweegt. De nemer mag de bal pas opnieuw spelen nadat een andere speler hem heeft geraakt: komt de bal van de paal terug en tikt hij hem zelf binnen, dan telt dat niet en krijgt de verdediging een indirecte vrije schop. Komt de bal terug van de doelverdediger, dan mag hij wel doorgaan. Schijnbewegingen mogen in de aanloop; is de aanloop afgerond, dan niet meer. Doe je het toch, dan gaat het doelpunt niet door, krijgt de verdediging een indirecte vrije schop en krijg jij geel.

Als er iets misgaat

Wie maakt de overtredingBal gaat in het doelBal gaat er niet in
alleen de aanvallende partijovernemen bij beïnvloeding, anders doelpuntindirecte vrije schop bij beïnvloeding, anders geen herhaling
alleen een verdediger, niet de doelverdedigerdoelpuntovernemen bij beïnvloeding, anders geen herhaling
alleen de doelverdedigerdoelpuntovernemen als hij de bal tegenhield; anders alleen als hij de nemer duidelijk beïnvloedde
beide teams beïnvloeden de uitvoeringovernemenovernemen

Houdt de doelverdediger de bal tegen na een eigen overtreding, dan wordt de strafschop overgenomen; de eerste keer krijgt hij een vermaning, daarna geel. Nieuw dit seizoen: raakt de nemer de bal per ongeluk twee keer, met beide voeten tegelijk of tegen zijn standbeen, dan wordt een gescoorde strafschop overgenomen en een gemiste een indirecte vrije schop. Maken de nemer en de doelverdediger tegelijk een overtreding, dan wordt de strafschop overgenomen en krijgt de nemer daarvoor niet meer automatisch geel.

De verlengde helft

Krijgt een team vlak voor het einde van een helft een strafschop, dan loopt die helft door tot de strafschop is afgelopen: zodra de bal niet meer beweegt, uit het spel gaat of door een andere speler wordt gespeeld. Alleen de doelverdediger houdt hem levend: pareert hij de bal het doel in, dan is het een doelpunt. Een bal die van de lat terugkomt en die de nemer zelf inkopt, telt in die verlengde tijd niet.

Situaties op het veld

Wat is de juiste beslissing? Klik op een situatie voor het antwoord.

Een verdediger houdt in zijn eigen strafschopgebied een aanvaller licht vast aan zijn arm, ver van de bal.

Strafschop. Vasthouden is altijd een directe vrije schop, en in het eigen strafschopgebied wordt dat een strafschop, hoe licht het ook was.

Een verdediger belemmert in zijn eigen strafschopgebied een aanvaller zonder hem aan te raken.

Indirecte vrije schop. Belemmeren zonder contact is een indirecte vrije schop, en die wordt in het strafschopgebied geen strafschop.

De keeper komt te vroeg van zijn lijn en houdt de strafschop tegen.

Overnemen. De keeper hield de bal tegen na een eigen overtreding; de eerste keer krijgt hij een vermaning, de volgende keer geel.

Veelgestelde vragen over de strafschop

Mag de keeper bewegen voordat er wordt getrapt?

Ja, langs de lijn. Op het moment van de trap moet hij nog minstens een deel van één voet op, boven of achter de doellijn hebben.

Mag de nemer de bal achteruit tikken naar een medespeler?

Nee. De bal moet vooruit; een hakbal mag alleen als de bal daarna voorwaarts beweegt.

Wat is het verschil met een strafschop uit een strafschoppenserie?

De trap zelf gaat hetzelfde, maar in een serie mag niemand de terugspringende bal nog spelen: alleen raak of mis uit de trap zelf telt.

Wil je meer dan alleen deze regel kennen?

Loop de opstelling bij een strafschop na voordat er wordt getrapt, en weet wat er volgt als het misgaat. Deze regel geeft antwoord op één situatie. Met de complete cursus begrijp je hoe spelregels, spelsituaties en beslissingen samenhangen. Zo sta je met meer zekerheid langs de lijn of op het veld, en voorkom je onnodige discussie.

De cursus, vanaf € 14,99 per speler

Bekijk de pakketten

Tien sporten, dezelfde aanpak

Klik op een sport voor de spelregels, de techniek en de tactiek van dat spel.